Feeds:
Berichten
Reacties

Ed van der Elsken’s Amsterdam

 

Muziek waar ik veel van hou vind ik ook mooi als ik het op een simpel draagbaar radiootje hoor. Op perfecte geluidsapparatuur afgespeeld hoor je wel meer, maar het geluksgevoel dat muziek kan bewerkstelligen wordt daar niet groter van. Geluidsfanatici die alleen van muziek genieten wanneer beluisterd vanaf dure installaties zijn, als je het mij vraagt, vooral geïnteresseerd in de hardware. Dit als inleiding op een kleine kwestie bij het uitgeven van fotoboeken.

Zojuist verscheen een nieuwe (derde) druk van het prachtige fotoboek van Ed van der Elsken ‘Amsterdam! Oude foto’s 1947-1970’. Bij de presentatie van die herdruk (in het Stadsarchief Amsterdam) werd herhaaldelijk verkondigd hoe fijn het toch was dat het boek er weer is, en dat vooral omdat de vorige (tweede) druk uit 1988 van het boek van zo’n slechte kwaliteit was geweest.

Nou ben ik zijdelings bij die tweede druk betrokken geweest, dus ben ik even gaan graven in mijn geheugen.

De eerste druk van het boek was in 1979 bij Van Holkema & Warendorf verschenen, een wat in die tijd heette ‘algemene’ uitgeverij (in tegenstelling tot een ‘literaire’ uitgeverij), waarmee bedoeld werd dat er een allegaartje verscheen: van kinder- en kookboeken tot tweederangsromans, en een enkele keer zoiets als een fotoboek. Alles wat verkoopbaar was. En de boeken van Van der Elsken waren goed verkoopbaar in die tijd – hoewel De Bezige Bij, zijn eerste uitgever, daar toen anders over dacht. De eerste druk van ‘Amsterdam!’ schijnt een oplage van tienduizend exemplaren te hebben gehad, en je hoort ook wel eens dat het er nog meer waren.Van Holkema & Warendorf had al de boeken ‘Eye love you’ (in 1977) en ‘Hallo’ (in 1978) van Van der Elsken uitgegeven. In 1980 gaven ze ook nog ‘Avonturen op het land’ uit, maar het succes van ‘Amsterdam!’ leek eenmalig te zijn. In ieder geval was het boek halverwege de jaren ’80 niet meer leverbaar.

Voor ik zelf Boekhandel De Verbeelding begon (later Uitgeverij & Boekhandel), werkte ik van 1968 tot 1983 bij Uitgeverij & Boekhandel Van Gennep (in mijn tijd in de Nes, later zijn ze verhuisd naar de N.Z.Voorburgwal). De drijvende kracht en naamgever van dat bedrijf, Rob van Gennep, met wie ik goed bevriend bleef, had net als ik ook belangstelling voor fotoboeken. In 1987 vroeg hij me raad: of ik dacht dat het een goed idee zou zijn om Ed van der Elsken’s ‘Amsterdam!’ opnieuw uit te geven. Het plan was om een betaalbare herdruk te maken – in die tijd was het mode geworden om van succesvolle boeken (meestal romans, overigens) goedkope herdrukken te maken, met de bedoeling daarmee een ander publiek aan te spreken.

Het probleem was dat van de eerste editie van ‘Amsterdam!’ geen materiaal meer beschikbaar was. Van Holkema & Warendorf had de platen niet laten bewaren – niet ongewoon in die tijd. Daarom besloot Van Gennep om een drukker het oude boek, de eerste druk, pagina voor pagina te laten fotograferen, om op die manier eenvoudig een herdruk te kunnen maken. Helaas is dat niet altijd zorgvuldig gedaan, ik vermoed dat tussendoor nooit iemand iets is gaan controleren – de boeken werden op een gegeven moment gewoon door de drukker afgeleverd.

Om de kosten zo laag mogelijk te houden werd het boek niet via het Centraal Boekhuis verspreid, maar via Modern Antikwariaat Van Gennep aan de N.Z.Voorburgwal in Amsterdam, een onderdeel van het Van Gennep bedrijf. Dat gaf het boek weliswaar een ramsj-tintje, maar dat vond Rob van Gennep helemaal niet erg. Medefinancier werd Boekhandel De Slegte, die, meen ik, 3000 exemplaren afnam van de oplage van tienduizend. Andere boekhandels, zoals De Verbeelding, namen het boek in kleinere porties af. Zo lukte het om een mooi, groot fotoboek voor f 24,90 (gulden! = 11,30 euro, voor de slechte rekenaars) in de handel te brengen.

Nog steeds vind ik dat een goed idee – voor een zeer lage prijs zijn er zo weer 10.000 exemplaren in omloop gebracht. Waarom in het colofon niet is verklaard hoe een en ander in elkaar zat weet ik niet. Ik vermoed dat Van Gennep niet wilde laten weten, of het te ingewikkeld vond om uit te leggen, dat het zonder De Slegte niet zou zijn gelukt, en daarom maar helemaal afzag van een uitgeversvermelding.

Er bestaan nu dus drie edities, de eerste uit 1979, de tweede uit 1988, en de derde uit 2014. De producenten (een driemanschap: initiatiefnemer Top Notch, drukkerij Lecturis en Uitgeverij Bas Lubberhuizen)  geven hoog op van de drukkwaliteit van deze nieuwste editie, en heel precies gekeken hebben ze gelijk. En natuurlijk moet er zorgvuldig met het werk van een kunstenaar worden omgegaan, en is het de taak van de rechthebbenden om het beste na te streven.

Maar ik heb alle drie de edities naast elkaar gelegd, en merk dat ik, net als wanneer ik een mooi nummer op een draagbaar radiootje hoor, hoe dan ook door de foto’s gegrepen word – in welke editie dan ook. De foto’s van Van der Elsken zijn altijd goed, hoe je ze ook gepresenteerd krijgt. De inhoud, de kracht van het beeld, overheerst iedere keer weer. Ik denk dat de kopers van de eerste en tweede druk van het boek er net zo veel plezier aan hebben beleefd als de kopers van de nieuwe druk dat zullen hebben. En niet dat je pas nu echt van het werk kunt genieten.

Op een curieuze en wrange manier kreeg ik, na mijn rolletje als praatpaal voor Rob van Gennep in 1988, later nog weer een rol bij het boek. Rob van Gennep overleed in 1994, slechts 57 jaar oud, aan ALS. Zijn favoriete onderdeel van Uitgeverij en Boekhandel Van Gennep, het Modern Antikwariaat, werd door mij overgenomen en voortgezet, althans tot 1999, toen de zaken inmiddels zoveel minder gingen dat ik de winkel, evenals mijn eigen Boekhandel De Verbeelding, heb gesloten. Maar in die periode had ik het beheer, als distributeur, over ‘Amsterdam!’.

Enfin, het boek is er nu weer. Andere tijden, andere mogelijkheden, andere inzichten, andere oplages. Maar nog steeds: ijzersterke foto’s.

Fred Schmidt, De Verbeelding

(uitgever van Ed van der Elsken’s ‘My Amsterdam’ (2005, samengesteld door Martin Parr), van de heruitgave van ‘Een liefdesgeschiedenis in Saint Germain des Prés’ (1999), en van ‘Hongkong’ (1997, coproductie met Dewi Lewis Publ.)

 

De laatste dag van Boekhandel De Slegte

Er zijn de afgelopen decennia een hoop boekhandels in Amsterdam verdwenen: Schröder & Dupont van de Keizersgracht, Moderne Boekhandel Bas uit de Leidsestraat, Lankamp & Brinkman van de Spiegelgracht, Scheltema & Holkema van het Rokin, Urbi et Orbi van het Rokin, Vermeulen van de Grimburgwal, Van Gennep uit de Nes, de Hoofdstadboekhandel uit de Kalverstraat, Ten Have uit de Kalverstraat, Samson van de Hobbemakade, Kirberger & Kesper van de Oude Turfmarkt, Art Book uit de Van Baerlestraat, De Verbeelding uit de Utrechtsestraat, Nijhof & Lee uit de Staalstraat, Pegasus uit de Leidsestraat, Allert de Lange van het Damrak, Wijnand Laroo uit de Linnaeusstraat, Orlando van het Oosterpark, de AP-boekhandels, de Jan Haverman winkels, Favié uit de Rijnstraat, Avant Garde uit de Gerard Doustraat, Au Bout du Monde van het Singel, Joachimsthal van het Europaplein – allemaal winkels waar ik wel eens binnen ben geweest, ik ga me er vast nog meer herinneren. Bovendien zal Scheltema aka Selexyz aka Polare van het Koningsplein verdwijnen.

En als voorlopig klapstuk is nu ook Boekhandel De Slegte uit de Kalverstraat verdwenen.

Aan De Slegte heb ik goede herinneringen. Honderden boeken moet ik er hebben gekocht, op de bovenverdiepingen waar het antiquariaat zat, en op de begane grond waar de uitgeversrestanten (ook wel ramsj genoemd) lagen. Hugo Brandt Corstius, ik meen als Piet Grijs, merkte in een column al eens op dat er geen boekhandel was waar titels zo lang in omloop werden gehouden. Daar konden andere boekhandels een voorbeeld aan nemen.

De Slegte kocht restvoorraden van uitgevers op en verkocht die vervolgens voor een lagere prijs in zijn 27 winkels in Nederland en België.

Het filiaal in de Kalverstraat in Amsterdam was het vlaggenschip. Tot 1977 zat die winkel overigens in een ander pand in dezelfde straat, aan de Rokin kant, maar dat werd bij de brand in Hotel Polen (33 doden) geheel verwoest. Daarna is de zaak verhuisd naar de overkant. De zaken gingen, ook daar, de laatste tijd steeds minder – de directeur/eigenaar, vierde generatie De Slegte, was al jaren geleden door de bank wegens gebrek aan vertrouwen in zijn kwaliteiten aan de kant gezet. Ingehuurde managers moesten de boel vlot trekken, maar het deel van de familie De Slegte dat het onroerend goed had geërfd (het bedrijf zelf was aan de achterkleinzoon nagelaten) had al aangegeven de panden net zo lief aan anderen, met meer huuropbrengst, te willen gaan verhuren…

De toekomst van het bedrijf zag er, kortom, al jaren somber uit. De alsmaar dalende boekverkoop eiste zijn tol, en op verkoop via internet werd veel te laat ingespeeld. De genadeklap werd uitgedeeld toen het bedrijf in 2012 in handen viel van een investeringsbedrijf, ProCures, dat ook de noodlijdende boekhandelsketen Selexyz kocht. ProCures dacht door de Selexyz winkels en de De Slegte winkels per stad samen in nog maar één pand te vestigen, onder de nieuwe naam Polare, van de leegkomende panden, vaak op goede locaties, het huurcontract met winst te kunnen doorverkopen. Een keer lukte ze dat ook, in Den Haag, maar de eigenaren van de panden in bijvoorbeeld Amsterdam (zoals de onroerend goed tak van de familie De Slegte) piekerden er niet over om derden aan hun panden te laten verdienen. Een misrekening dus, en in sneltreinvaart ging Polare failliet. Er waren grote schulden; zelfs de rekeningen voor de aankoop van de boekenweekgeschenken 2012 en 2013 waren nog niet betaald.

Het pand van De Slegte in de Kalverstraat moest op korte termijn worden ontruimd, alle boeken moesten zo snel mogelijk de deur uit. Een deel werd vrijdag 7 maart geveild. Op de laatste dag dat de winkel open zou zijn, zaterdag 8 maart j.l., ging ik uit sentimentele overwegingen nog een keer kijken. Ik was er niet alleen een groot deel van mijn leven klant geweest, maar ook in mijn uitgeversjaren kocht De Slegte altijd de restanten van Uitgeverij De Verbeelding op, hielp op die manier de te langzaam verkopende titels aan een tweede leven, en hielp daarbij en passant om De Verbeelding op de been te houden.

Goede herinneringen dus. Ook omdat de inkoper van De Slegte als enige van alle inkopers in boekenland ook blij was met die boeken, en ze mooi vond. Van de reguliere boekhandels heeft nooit iemand zich verheugd getoond bij weer een nieuw fotoboek. ‘Zulke boeken verkopen wij niet’ was wat mijn vertegenwoordiger vaak te horen kreeg – niet alleen in de provincie, maar ook bij de meest gerenommeerde boekhandel van Amsterdam.

Die laatste zaterdag ging wat nog over was voor twee euro per boek weg – ik kocht nog twee boeken. De winkel zag er spookachtig uit, eigenlijk al ontmanteld. Links en in het midden een ordeloze zooi boeken, rechts in (!) de winkel stonden twee bestelbusjes al klaar om de laatste troep in te kunnen gooien. Een troosteloze aanblik. Om de hoek, bij café Scheltema op de Nieuwezijds dacht ik nog eens aan de aardige gesprekken die ik daar heb gehad met die inkoper.

De volgende dag, zondag 9 maart, was ik, na een lezing bijgewoond te hebben bij het American Book Center op het Spui, toevallig weer in de buurt. Aan mijn gezelschap wilde ik de troosteloze aanblik van die bestelbusjes in de De Slegte winkel door de etalageruiten heen laten zien – ik vermoedde dat ze nog aan het opruimen waren. Door de drukke Kalverstraat kwamen we bij de winkel, die toch nog open bleek te zijn, nog was niet alles op. Er voor stond een soort marktkoopman, luidkeels roepend: ‘Alle boeken gratis! Neem mee! Alle boeken gratis!’. Lege dozen werden uitgereikt, en zo verdween het laatste restje voorraad; voorbijgangers gingen met dozen vol boeken weg. Alleen maar zodat de curator dan minder hoefde te sjouwen.

Ook ik nam nog maar het een en ander, en niet het minste, mee: twee delen van de briefwisseling Ter Braak – Du Perron van Van Oorschot, een pamflet van Du Perron, Vriend of vijand, uit 1930, de bundel Samen uit samen thuis van Erik Terduyn (pseudoniem van de fotograaf Emiel van Moerkerken), een uitgave uit 1957 van Van Oorschot, diverse titels van Henk Romijn Meijer, waaronder een eerste druk van zijn debuut Het Kwartet, uit de serie Contact-Foto-Pockets het deeltje De Provence, nog wat dichtbundels, een boek van Dirk van Weelden, een boek van de Hongaarse schrijver Peter Nadas, de brieven die Theun de Vries in de oorlog aan Simon Vestdijk schreef, en Argusogen, Bram Wisman’s Geschiedenis van de Nederlandse persfotografie.

Ziet de toekomst van het boek er zo uit: dat we in winkelstraten mensen moeten smeken de boeken in godsnaam gratis mee te nemen? Of hebben we het dieptepunt van de neergang bereikt, en is het aantal boekenliefhebbers en lezers en de hoeveelheid overgebleven boekhandels nu met elkaar in evenwicht?

Ik was altijd de somberste mens uit het boekenvak. Mijn boekhandel heb ik al vijftien jaar geleden gesloten – zag er toen al geen gat meer in – en tweeëneenhalf jaar geleden ben ik ook gestopt met mijn uitgeverij. Een doemdenker vond men mij. Maar bij nader inzien was ik nog lang niet somber genoeg. Wat er de afgelopen maanden, weken in boekenland is gebeurd kon zelfs ik niet bevroeden. Démasqué der schoonheid, om met Ter Braak te spreken. Wat een ontluistering.

Fred Schmidt, v/h Uitgeverij & Boekhandel De Verbeelding

Polare & De Slegte

1 februari 2014 

Is er leven na Polare?

 

Dat boekhandelketens Selexyz en De Slegte in handen van dezelfde ondeskundige beleggers zijn gekomen is een ramp gebleken, niet in het minst voor De Slegte. Nergens valt die naam nog, en niemand lijkt te beseffen dat De Slegte een belangrijke factor is in de boekenwereld.

Daar wordt aan de vaak uitstekende titels die slecht of te langzaam verkopen een tweede leven gegund. Als De Slegte verdwijnt zullen deze titels in de toekomst in de papiermolen verdwijnen.

Er is al veel gezegd over de onzinnige naamsveranderingen, van Scheltema, Donner, Broese etc., naar BGN, naar Selexyz, naar Polare, maar dat de naam De Slegte  geheel is verdwenen is een regelrechte blunder. Juist die toevoeging had een extra aantrekkingskracht kunnen betekenen (Selexyz & De Slegte, of nog beter, Scheltema & De Slegte etc.). Nu weet niemand waar De Slegte gebleven is.

De groep boekhandels die nu Polare heet is al jaren het spoor bijster. Zo’n jaar of vijftien, twintig geleden waren ze er van overtuigd de kleinere boekhandels overbodig te zullen maken: tenslotte hadden zij alles, dus waarom zou je als consument nog ergens anders naar toe gaan? 

Toen de boekenmarkt grotendeels een bestsellermarkt werd, dachten de winkels van de boekhandelsgroep (toen nog BGN) er slim aan te doen om zich te gaan profileren als een soort grote AKO’s of Bruna’s: enorme stapels van de bestverkopende titels voorin de winkels, en de rest van de voorraad verminderen. Dàt is de fout die er gemaakt is, en waardoor de echte boekenliefhebber er liever niet meer kwam.

De verkoop van boeken loopt al jaren terug, en die gaat echt niet meer stijgen. Het is daarom beter dat die hele Selexyz/Polare onzin verdwijnt – misschien geeft dat wat extra verkoop aan de overblijvende zelfstandige boekhandels. Hopelijk kan De Slegte nog ontvlochten worden uit de Polare-puinhopen en een nieuwe start maken.

Bitter is het natuurlijk wel dat het gezamenlijke boekenvak, via het Centraal Boekhuis, de rekening zal moeten betalen. Toch is het beter dit te slikken dan nog langer te luisteren naar een manager die denkt dat als hij de komende vier maanden de rekeningen maar even niet hoeft te betalen alles goed zal komen.

Fred Schmidt

v/h Uitgeverij & Boekhandel De Verbeelding

 

PhotoQ Bookshop

 

1 september 2012

PhotoQ Bookshop

 

Zojuist geopend: een nieuwe fotoboekenwinkel (pardon, bookshop) in Amsterdam. Niet de eerste – eind jaren ’70 van de vorige eeuw was een paar jaar lang in de Leidsestraat de Canon Photo Gallery Bookshop gevestigd, en in de Nes en de Jordaan zijn er kort ook winkeltjes geweest die het met de verkoop van fotoboeken hebben geprobeerd. Kunstboekhandels als Art Book, Nijhoff & Lee en Lankamp & Brinkman, allemaal verdwenen. En natuurlijk Boekhandel De Verbeelding, die precies dertig jaar geleden de deur opende, in 1983, en die precies vijftien jaar geleden, in 1998, diezelfde deur weer sloot (om vervolgens wel nog eens vijftien jaar door te gaan als uitgeverij).

Nog niemand heeft het met de verkoop van dit product lang volgehouden – ook de zelfverklaarde opvolger van De Verbeelding, Schaden.com in Keulen, bestaat sinds enige tijd alleen nog als internetwinkel (en staat daarnaast op fotobeurzen en -manifestaties).

Gelukkig is er nog enige boekenverkoop in de fotomusea, maar dat stelt helaas niet heel veel voor. Het Fotomuseum in Rotterdam heeft in ieder geval nog een soort winkel, maar nauwelijks bezoekers – in het Fotomuseum in Den Haag staan alleen wat boeken in een groot aquarium, en in FOAM worden voornamelijk boeken en catalogi bij lopende tentoonstellingen verkocht (soms wel veel). Maar de                    aparte winkel die FOAM laatst om de hoek in de Vijzelstraat heeft geopend staat al weer op het punt te worden gesloten.

En toch, in het sombere en sobere jaar 2013 doet iemand een nieuwe poging. Dapper, of dom?

De aanpak waar de PhotoQ Bookshop voor heeft gekozen lijkt verstandig. In een ruimte waar al een fotogalerie is gevestigd, waarmee de huur wordt gedeeld, zijn wat tafels neergezet waarop boeken liggen uitgestald. Het lijkt niet op zo’n ouderwetse boekwinkel – geen wanden met boeken, en dus geen grote investering in voorraad. De boeken die er liggen (niet erg veel overigens, als bij de opening iedereen een boek had gekocht, was de zaak in een keer leeg geweest) zijn uitsluitend van recente datum. De kersverse boekhandelaren willen alleen ‘actuele’ boeken, zelfs de nog niet zo heel oude titels van De Verbeelding passen niet in het assortiment. Ergens ook wel begrijpelijk – door de recente ontwikkelingen bij het uitgeven van fotoboeken (voornamelijk in eigen beheer) is er absoluut behoefte aan een plek waar je al die eigen producties kunt bekijken.

Toch is het vreemd dat zoiets als geschiedenis niet lijkt te bestaan. Hoe zijn we gekomen waar we nu zijn, wat ging er aan vooraf, lijkt in de huidige tijd niemand meer te interesseren. Je eigen ding doen, dat is het, de rest is niet van belang. En door niet naar het verleden te kijken kun je lekker denken dat je alles wat je doet zelf hebt bedacht en uitgevonden.

Maar juist daar zou een boekhandel een rol kunnen vervullen, een theoretisch kader verschaffen: laten zien wat er hiervoor was: van Magnum, tot Piet Zwart, tot Jacob Olie. Al die generaties bij elkaar geeft je eigen werk een plek, of misschien het inzicht dat je er nog niet helemaal bent.

Maar laten we wel zijn: die ouderwetse winkels stampvol boeken hadden uiteindelijk ook geen bestaansrecht. Eén probleem waar boekhandels vroeger veel last van hadden lijkt niet meer te bestaan. De gevreesde winkeldief gaat inmiddels de deur voorbij – in de huidige tijd is de heler voor boeken waarschijnlijk verdwenen – gelijk met de klanten overigens. Zal de PhotoQ Bookshop ook vijftien jaar  blijven bestaan? Het lijkt, nu winkels het sowieso moeilijk hebben, onwaarschijnlijk.  Maar je zou, voor het fotoboek, het liefst willen dat het deze keer wel lukt.

Fred Schmidt, v/h Uitgeverij & Boekhandel De Verbeelding

 

Antiquariaat De Verbeelding

De al maar teruglopende verkoop speelde natuurlijk een belangrijke rol. Daardoor werd het zo langzamerhand te duur om aangesloten te blijven bij het Centraal Boekhuis (het bedrijf dat in Nederland zo goed als alle verschenen boeken voor uitgevers levert aan bijna alle boekhandels). Zonder dat lidmaatschap bereik je boekhandels niet meer; boekhandels die bovendien de moeilijker te verkopen titels toch al niet meer wilden inkopen.
Daarnaast zal het steeds lastiger worden om de vaak broodnodige subsidie bij het publiceren van kunst- of fotoboeken te verwerven. En zelfs als dat af en toe nog wel zou lukken: het deel van de kosten dat de uitgever zelf moet investeren (ca. 60%) is, door de steeds mindere verkoop, niet meer terug te verdienen.
Daar komt het verstrijken van de tijd bij: 48 jaar in het boekenvak (sinds 1963), waarvan bijna 29 jaar als kleine, ploeterende, zelfstandige boekhandelaar en uitgever – ik vind het mooi geweest. Boekhandel De Verbeelding moest al in 1998 stoppen (de problemen zijn niet van vandaag of gisteren), nu staakt ook Uitgeverij De Verbeelding de activiteiten.
Maar: wij komen terug. Vanaf heden (november 2011) wordt de strijd om het bestaan voortgezet door (web) Antiquariaat De Verbeelding. In eerste instantie met de verkoop van archiefexemplaren van Uitgeverij De Verbeelding (bijna alle 115 verschenen titels zijn, zolang de voorraad strekt, leverbaar via http://www.verbeelding-fotoboeken.nl) en binnenkort zal het aanbod worden uitgebreid met prints en fotoboeken van zowel binnen- als buitenlandse fotografen.
Eens boekenliefhebber, altijd boekenliefhebber.
Fred ‘De Verbeelding’ Schmidt

 

‘Markt fotoboeken blijft groeien’?

 

Naast Paris Photo, die patserige miljonairsfair in de verhuurkelder van het Louvre voor champagne-drinkende nouveaux-riches, waar de Erwin Olaf-kitsch voor Echte Kunst (groot formaat, tenslotte) wordt aangezien, was de gelijktijdig in een wat afgelegen wijk van Parijs georganiseerde alternatieve fotoboekenbeurs ParisOff een verademing. Met enthousiaste en enthousiasmerende, over het algemeen jongere, fotografen die hun eigen weg gaan. De toekomst van het fotoboek zag je er – wat een hoopvolle gebeurtenis voor iemand die de verkoop van fotoboeken in het afgelopen decennium praktisch heeft zien instorten en bijna zien verdwijnen.

Kort daarna alweer een evenement: een fotoboekenmarkt in Huis Marseille. De kop van het verslag hierover op de website van PhotoQ (d.d. 12-12-2010) luidt: ‘Markt fotoboeken blijft groeien’. Hilarische kop natuurlijk – altijd zijn er mensen te vinden die na een gezellige dag meteen gaan overdrijven. Verder lezend blijkt dat overigens vooral de optimistische opinie te zijn van een deel van de aanwezige grafische ontwerpers, die zo hun lucratieve winkeltjes aan het beschermen zijn. Het verslag eindigt aldus: ‘In een belendende ruimte (van de lokatie waar de bijeenkomst zich afspeelt) werden veel fotoboeken bekeken (!) en verkocht. (…) Het evenement trok ca. 300 bezoekers’. Need I say more. Driehonderd bezoekers, waarvan een groot deel zelf fotograaf of ontwerper. Elkaars werk bekijken en kopen is prima, natuurlijk, maar om dat nou een ‘groeiende markt’ te noemen. Galeriehouder/vormgever/uitgever Willem van Zoetendaal (verder een reuze aardige man, hoor) voorspelt ‘dat er de komende jaren nog meer fotoboeken zullen verschijnen dan de afgelopen jaren al het geval is’. Tja. Dat kun je makkelijk zeggen, er van uit gaand dat de oplage van al die toekomstige fotoboeken meestal één zal zijn (tenzij familie of vrienden ook wel een exemplaar willen – dan worden het er al gauw vier of vijf), zelf gemaakt via Apple’s Iphoto, of bij een van de vele nieuwe internetbedrijfjes als Blurb.com.

En dankzij ons mooie subsidiestelsel kan er af en toe een gesubsidieerd fotoboek verschijnen in een wat grotere oplage (maar voor het voortbestaan van dat mooie subsidiestelsel moeten we ook al vrezen).

De echte markt, voor door een uitgeverij uitgegeven serieuze fotoboeken, is helaas niet meer bestaand. Het oude, ouderwetse systeem (een uitgever produceert, verkoopt aan de boekhandel, die weer verkoopt aan het publiek) functioneert niet meer. Voor een deel ligt dat aan de boekhandels, die tegenwoordig alleen nog als doorgeefluik van bestsellers (thrillers, kookboeken) fungeren, maar ook het publiek laat het afweten. Een brede verspreiding van fotoboeken is hiermee van de baan. Jammer, maar het is niet anders.

Het nieuwe, zeg maar digitale systeem dat daarvoor in de plaats aan het komen is, of al gekomen is, betekent de redding van het fotoboek. Kleinschaligheid is het noodzakelijk gevolg, en de boeken zullen alleen bij speciale gelegenheden als ParisOff getoond en verkocht kunnen worden (en via de eigen websites van fotografen), maar artistiek gezien is het resultaat misschien wel zo interessant, en vaak zelfs een verbetering. Echter, om die ontwikkeling nu een ‘groeiende markt’ te noemen, is regelrechte onzin. We moeten blij zijn dat er van een zo goed als verloren gegane markt iets te behouden blijkt – met veel dank aan de ontwikkelingen in de digitale wereld. Een ‘markt’ voor fotoboeken is er niet meer. Fotoboeken zelf zijn er gelukkig nog wel.

 

Fred Schmidt, Uitgeverij De Verbeelding

 

PS. Dit artikel werd geschreven als reactie op een verslag van de Fotoboekenmarkt, gehouden op 12 december 2010 in Huis Marseille, op de website http://www.photoq.nl.

 

Kees Scherer, Sanoma & De Verbeelding

De Verbeelding is een uitgeverij voor fotoboeken, met als voornaamste specialisme de geschiedenis van de Nederlandse fotografie, van Jacob Olie tot Ed van der Elsken. Het is een eenmansbedrijfje, en eigenlijk meer een hobby dan een echt bedrijf. De meeste boeken die er verschijnen kunnen zonder subsidie en/of sponsoring niet gepubliceerd worden – de productiekosten zijn namelijk altijd groter dan de mogelijke opbrengst uit verkoop. Die ene man, ondergetekende, is zowel uitgever, boekhouder, productiebegeleider, secretaresse, postkamermedewerker en redacteur. En bovendien huisman, want om de zaak draaiende te houden is zijn echtgenote fulltime kostwinner.

Tot ieders tevredenheid overigens: hij blij met de mogelijkheid zijn culturele taakje te kunnen doen, zij stoer degene die dat mogelijk maakt.

Kees Scherer (1920-1993) vond en vind ik een aparte fotograaf. Wereldreiziger in een tijd dat dat nog iets bijzonders was (met de boot naar Amerika). Zijn beste werk maakte hij in de jaren vijftig en zestig, gewoon thuis in Amsterdam, en op reizen die hij maakte voor o.a. Margriet en Avenue.

Ook schijnt Scherer (ik heb hem helaas nooit ontmoet) een beetje een rouwdouwer te zijn geweest: grote mond, losse handjes, in ieder geval iemand die geen blad voor de mond nam.

In oktober 1985 werd hij echter getroffen door een herseninfarct, en sindsdien kon hij niets meer: niet meer spreken, of schrijven, en niet meer fotograferen. Hij werd opgenomen in een verpleegtehuis, waar hij acht jaar later overleed. Een dramatische periode, voor hem, en voor zijn omgeving.

Om zijn werk onder de aandacht te houden, richtten vrienden in 1987 de Stichting FotoArchief Kees Scherer op. Zijn werk werd mede daardoor in de jaren negentig herontdekt, en opnieuw uitgegeven in een drietal boeken, die nu al weer lang zijn uitverkocht.

Op mijn lijstje van fotoboeken die er ooit absoluut eens zouden moeten komen stond dan ook: een mooi boek over Kees Scherer. Dat verlangen had ik wel eens uitgesproken tegen Annick Visser (vroeger van Margriet), de onvermoeibare gangmaker van de Kees Scherer Stichting.

En zo werd ik op een dag in april 2006 gebeld door Auke Visser (geen familie), een van de bestuursleden van de Kees Scherer Stichting. Althans gebeld – ik werd gebeld door zijn secretaresse, om me te vertellen, er op voor te bereiden, dat Auke mij zo dadelijk zou bellen. Meteen al een bijzondere ervaring, voor iemand als ik, met m’n eenpersoons-hobby-bedrijfje. Met wat een efficiëntie werd ik hier geconfronteerd! Zo verdeed Auke geen tijd als ik er onverhoopt niet was geweest om de telefoon aan te nemen. Een indrukwekkende ervaring voor iemand die nog nooit in een echt bedrijf heeft gewerkt. Zo gaat dat dus!

En zo kreeg ik een directeur van Sanoma aan mijn keukentafel, tevens kantoor, die bovendien in gezelschap was van de voorzitter van de Kees Scherer Stichting. Die voorzitter zou met wat fantasie een collega van me genoemd kunnen worden, want hij was een gepensioneerd, ooit succesvol, uitgever, die bovendien bevriend was geweest met Scherer, en boeken van hem had uitgegeven. Daar zat ik dan, hobbyist, tegenover dit geslaagde duo. Gezamenlijk zouden wij moeten zorgen voor de publicatie van een echt oeuvre-overzicht uit het werk van de fotograaf Kees Scherer.

De voorzitter gooide meteen een ‘conceptplan’ op tafel, met ‘titelsuggesties’ (vier lullige), ‘voorstel formaat’ (het formaat van de boeken die hij ooit zelf van Scherer had uitgegeven), ‘aantal pagina’s’ (192), ‘uitvoering’ (gebonden met stofomslag, zie ook bij ‘voorstel formaat’), en, belangrijk, een ‘uitgangspunt’.

‘Als uitgangspunt wordt genomen het feit, dat Kees een mensenfotograaf is.’ ‘Mensen vormen dan ook het Leitmotiv voor het nieuwe boek. Daarnaast moeten in de keuze van het materiaal de volgende aspecten, karakteristiek voor Kees, een rol spelen: Donker en licht, tegenlicht, vogelperspectief, markten en straatleven, kinderen en oude mensen, terrassen, verkeer (trams), nachtleven, stilleven etc.’

En nu zijn we nog niet halverwege het ‘conceptplan’ van de voorzitter, die ook nog vindt dat ‘het boek, behalve met een voorwoord van de Stichting, fors ingeleid dient te worden door een in de wereld van de fotografie bekende persoonlijkheid, die …’ en dan volgen daar weer instructies voor.

Het ‘conceptplan’ van de voorzitter eindigt met de indeling van het boek. ‘In basis zal de vormgeving uitgaan van: 1 foto per pagina; 2 foto’s per pagina, een collage van 4 foto’s per pagina en een collage van 6 foto’s per pagina. Er zullen niet meer dan 68 collages voorkomen en 100 pagina’s met 1 foto.’

En toen moest het gesprek nog beginnen. Het was voorjaar 2006 – het zou nog tot 2008 duren voor het boek (bij een tentoonstelling in het FOAM) zou verschijnen, en al die tijd zou ik met die voorzitter, die karikatuur van een mens, te maken moeten hebben? Geen haar op mijn hoofd (best mooi haar nog) dat ik dat zou doen.

Ik keek nog eens naar het medebestuurslid, de heer Auke Visser, directeur van Sanoma. En iets zei me, dat ik met hem wel overweg zou kunnen. Ik schreef hem een brief, waarin ik zei dat ik met Kees Scherer graag door wilde, maar niet met de voorzitter. En toen bleek waarom Auke Visser directeur van een groot bedrijf is. Op rustige, verstandige wijze zorgde hij ervoor dat ik dat boek gewoon op mijn manier maakte, dat er subsidie en sponsoring kwam, en dat ik van de voorzitter nooit meer iets gehoord heb. Dat is knap – ik zou het niet kunnen. Hij zorgde er voor, nogmaals, moeiteloos, dat iedereen in zijn waarde bleef, dat het werk doorging, en dat hij met iedereen op goede voet bleef. Chapeau! Zo’n directeur krijgt Sanoma nooit meer!

Overigens: het bijzonder mooie fotoboek Kees Scherer: Beeldverhalen van een straatfotograaf (ISBN 978-90-78909-03-3) is voor € 39,50 te bestellen bij: www.verbeelding-fotoboeken.nl.

Fred Schmidt

Dit stuk werd geschreven voor het eenmalige tijdschrift Auke, gemaakt bij het afscheid van Auke Visser als directeur van Sanoma Men’s Magazines.

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.